Posts tonen met het label groenten. Alle posts tonen
Posts tonen met het label groenten. Alle posts tonen

vrijdag 24 juli 2009

Spinazie

spinazieSpinazie (Spinacia oleracea) is een plant uit de amarantenfamilie (Amaranthaceae) die verwant is aan bijvoorbeeld andijvie en sla. Het is een snelgroeiende, éénjarige bladgroente, die al vroeg in het voorjaar beschikbaar is. Het is een oude groente die voor het eerst in Perzië geteeld werd.

Het woord spinazie is afkomstig van het Perzische woord 'Esfenaj'. Spinazie groeit over de gehele wereld met uitzondering van de tropische gebieden. Hoewel spinazie al eeuwen geteeld werd in China bereikte de plant Europa pas in de twaalfde eeuw met de komst van de Moren in Spanje. In de 16e eeuw was spinazie nog een nieuwigheid in Italië, maar wel al ingeburgerd in Engeland. Het eerste gebruik bleef beperkt tot laxeermiddel. Het laxeereffect is te danken aan het hoge oxaalzuurgehalte.

Zaadvorm

Het zaad van spinazie is rond of scherp. De scherpzadige rassen (zoals Breedblad Scherpzaad) zijn zeer snelle groeiers, maar schieten ook snel door en worden voor de vroegste teelt gebruikt. Voor de voorjaarsteelt zijn minder snel doorschietende rassen nodig, omdat anders bijna geen blad maar wel snel een bloeistengel gevormd wordt. Voor de zomerteelt worden zeer traag doorschietende rassen gebruikt.

Inhoudsstoffen

Per 100 gram vers product (gemiddelde waarden):

  • Voedingswaarde: 20 Kcal / 85 KJ
  • Water: 92,7 %
  • Eiwit: 2,5 gr
  • koolhydraten: 1,6 gr
  • Vet: 0,4 gr
  • Oxaalzuur: 800 mg
  • Caroteen: 5 mg
  • Vitamine B1: 0,1 mg
  • Vitamine B2: 0,2 mg
  • Nicotinezuur (Vitamine B3): 0,6 mg
  • Vitamine B6: 0,2 mg
  • Vitamine C: 40-150 mg
  • Vitamine E: 2,5 mg
  • IJzer: 3-4 mg
  • Kalium: 450 mg
  • Calcium: 130 mg
  • Koper: 0,1 mg
  • Magnesium: 23 mg
  • Natrium: 65 mg
  • Fosfor: 45 mg
  • Zink: 0,22 mg

IJzer en vitaminen

Spinazie staat bekend om het hoge ijzergehalte. Om de consumptie van spinazie te stimuleren is in de Verenigde Staten de bekende tekenfilmheld Popeye in het leven geroepen. Iedere keer als Popeye in nood zit blijkt er op de vreemdste momenten een blik spinazie voorhanden, waarna het conflict snel beslecht is. Spinazie bevat inderdaad meer ijzer (3-4 mg) dan veel andere groenten, maar het ijzergehalte van spinazie is lange tijd zeer sterk overschat, en nog steeds hebben veel mensen dit beeld voor ogen bij spinazie. Toen in 1937 een nieuwe analyse werd uitgevoerd door Duitse wetenschappers, bleek het ijzergehalte tien keer zo laag te zijn als werd aangenomen. Hoe dit foutje had kunnen gebeuren is niet helemaal duidelijk; een theorie is dat de resultaten van onderzoek met gedroogde spinazie op verse spinazie overdragen werden, een andere dat er een komma op de verkeerde plek gebruikt werd.

Buiten een verhoogd ijzergehalte is spinazie ook rijk aan caroteen, vitamine E en antioxidanten.

Nitrietvorming

Net als alle andere bladgroenten bevat spinazie nitraten. Het grootste gedeelte van het in het lichaam opgenomen nitraat wordt uitgescheiden. Een kleine fractie wordt door bacteriën echter omgezet in nitriet. Er zijn twee bezorgdheden met betrekking tot nitrieten in het lichaam. Enerzijds kunnen ze bij zuigelingen aanleiding geven tot een verstoord zuurstoftransport en cyanose (of blauwzucht). Anderzijds bevorderen ze de vorming van N-nitrosoverbindingen zoals nitrosaminen (bijvoorbeeld wanneer spinazie gecombineerd wordt met vis). Volgens sommige onderzoeken zouden nitrosaminen tevens kankerverwekkend zijn, maar andere onderzoeken spreken dat tegen.

De bacteriën die nitraten omzetten in nitrieten gedijen het beste in een lauwwarme omgeving. Vroeger werd vaak aangeraden om eenmaal gekookte spinazie niet meer opnieuw op te warmen, omdat in de tussenliggende tijd bij kamertemperatuur meer nitriet gevormd kan worden dan gezond is. Dit advies dateert echter uit de tijd dat koelkasten en vriezers nog geen gemeengoed waren. Met de huidige koeltechnieken kan spinazie ook thuis snel genoeg gekoeld worden, zodat zich geen grote nitrietconcentraties vormen. Het advies om spinazie niet opnieuw op te warmen is dan ook niet meer terug te vinden op de meeste spinazieverpakkingen. Met name bij zwakkere mensen, zoals kleine kinderen, zwangere vrouwen en ouden van dagen, blijft het echter raadzaam om op te passen met spinazie die niet vers is.

maandag 13 juli 2009

Knolvenkel

Plantkundig

In de natuur bestaat maar één soort venkel: Foeniculum vulgare. De wetenschappelijke naam verwijst naar het Latijnse woord voor hooi en duidt op de fijnheid van de bladeren. Foeniculum vulgare is een tweejarige tot overblijvende plant met stevige wortel en ronde, hoge stengel. De bladeren zijn drie- tot viervoudig geveerd en de blaadjes zijn draadvormig. De kleine, diepgele bloempjes zitten in grote schermen. De vruchten zijn aanvankelijk blauw berijpt en later grijsbruin. Venkel bloeit in normale omstandigheden pas in het tweede jaar van juni tot de herfst. Alle plantedelen geuren aromatisch. .
Binnen de soort Foeniculum vulgare is een verdere onderverdeling mogelijk:

Foeniculum vulgare, subsp. piperitum - ezels- of pepervenkel, die vooral op Sicilië wordt aangetroffen. Het zaad heeft een scherpe (bittere) smaak.

Foeniculum vulgare, subsp. vulgare (syn. Foeniculum vulgare, subsp. capillaceum) - tuinvenkel. Hiertoe behoren de volgende variëteiten:

* var. vulgare - wilde venkel
* var. dulce - zoete of kruidige venkel, die vooral in Frankrijk geteeld wordt voor zaadwinning. Het zaad heeft een zoete, anijsachtige smaak.
* var. azoricum - dit is de enige variëteit die "bollen" vormt en als groente wordt gegeten. Hierbij maakt men van oorsprong onderscheid tussen: Bolognese venkel met korte, brede, vlezige bladstelen die rauw zoals bleekselderij kunnen worden gegeten en Florentijnse venkel met bladstelen die 10 cm lang en 5 tot 6 cm breed zijn. Deze worden vooral gekookt gegeten. Dat is de venkel van Florence, de "finocchio" van de Italianen.

Geschiedenis

Al in de Romeinse tijd werd venkel gebruikt als kruid. In de Middeleeuwen werd venkel eerst naar Zwitserland gebracht, vooraleer het naar nog meer noordelijk gelegen streken gebracht werd. Daarom zijn veel knolvenkelrassen van Zwitsere oorsprong. Het gekende, traditionele zaadvaste ras "Fino" en de verbeterde, meer schietbestendige vorm "Zefa Fino" zijn in Zwitserland ontwikkeld.

De teelt van venkel werd vroeger voornamelijk in de landen rond de Middellandse Zee aangetroffen. Vooral in Italië is de teelt van venkel belangrijk tijdens de herfst, winter en vroege voorjaar. In Nederland wordt venkel op grote schaal geteeld sinds 1979 en is het een zomer- en herstteelt.
Gebruik

De groente is snel gaar en licht verteerbaar. Venkel is niet alleen warm te bereiden, maar kan je ook rauw eten. Dan echter fijn gesnipperd te mengen in salades. De smaak en geur van knolvenkel is anijsachtig, een beetje zoet maart toch pittig en fris. Je gerechten krijgen er een zuideuropees tintje mee.

Het geeft een anijsachtige smaak. De fijne blaadjes worden als garnering en smaakgever gebruikt. Ook in combinatie met visgerechten wordt venkelgroen veel gebruikt. De smaak en geur van knolvenkel is anijsachtig, een beetje zoet en toch pittig.
Klik hier voor het basisrecept van venkel en tientallen andere recepten met venkel
Familie

Venkel behoort tot de familie van de schermbloemigen, waartoe heel wat bekende groentesoorten behoren. Kervel, selder, wortelen, pastinaak, peterselie zijn de bekendste. Dille, het kruid dat eveneens tot deze familie behoort lijkt uiterlijk heel goed op venkel, maar heeft een holle stengel. Bij venkel is de stengel gevuld.
Een bol

Venkel ziet eruit als een knol, maar is in werkelijkheid een samengegroeide laag van verdikte bladscheden van de plant. Eigenlijk zouden we dus moeten spreken over 'bolvenkel'. De vorm van deze bladscheden, en dus ook de gevormde ‘bol’, kan variëren van kort en breed tot smal en langwerpig. Vooral het ras, maar ook de temperatuur, de daglengte en de bepalen voor een stuk de vorm. De ronde vorm is het meest gegeerd. Een platte bol is dikwijls het gevolg van groeiremmingen door bijvoorbeeld slechte grondstructuur of te natte en te koude grond. In de bladoksels van de bol en aan de overgang tussen bol en wortel zitten zijknoppen die zich, vooral bij oudere rassen en bij ongunstige groeiomstandigheden, tot zijscheuten ontwikkelen.
Venkel is zo één van die groenten die je beter teelt in zomer en najaar. Alhoewel dit door de opkomst van verbeterde rassen stilletjes aan een minder groot probleem wordt, zal venkel toch nog altijd de neiging hebben om te bloeien als je de teelt vroeg aanvat.
Twee voorname oorzaken van opschieten zijn:

* te koude opkweektemperaturen en/of te koud de eerste weken na het uitplanten, wat een groeistilstand veroorzaakt
* lange dagen tijdens de groei

Logisch dan ook dat knolvenkel in de maanden juni-juli snel doorschiet Als je vroeg uitzaait, doe dit dan dan onder glas.
Zowel een temperatuur boven de 24 graden als beneden de 7 graden remt de groei. Naast een koud voorjaar zijn dus ook warme zomers een remmende factor op de optimale groei van venkel.
Vroege teelt

Vroeger kan ook (onder warm glas), maar de hobbytuinder zaait onder glas vanaf begin april. Daarna verspenen in potjes en na een opkweekperiode van ongeveer vier weken, bij gunstige weersomstandigheden, uitplanten vanaf begin mei. Zijn de nachten nog koud, dek dan af met vliesdoek of wacht met planten tot na half mei is het niet meer nodig af te dekken.

De afstand is 30 cm x 30 cm of, als je ruime rijen wil, op 45 x 20 cm ( 11 planten per m²) Wacht niet te lang met uitplanten, want een groeistilstand in de potjes bevordert het opschieten. Oogsten kan dan vanaf juli. Kies voor deze teelt een geschikt, modern en vroeg ras zoals "Orion F1".

Herfsteelt

De herfstteelt van knolvenkel is de makkelijkste teelt. Zowel de opkweek als de teelt verlopen het vlotst. De herfstteelt kan ook ter plaatse gezaaid worden, zoals wortelen vanaf juni tot 20 juli. Maar opkweken in potjes, zoals de vroege teelt kan ook, bijvoorbeeld omdat het perceel nog niet vrij is op het moment van zaaien. Je kan dan zaaien tot 20 juli en planten tot 15 augustus
Venkel zaaien op een plantenbed is geen goed idee. Het uitplanten van losse planten veroorzaakt een groeistilstand met bloemvorming tot gevolg. Kies voor de latere teelt voor het ras "Solaris F1", dat in diverse proeven het best presteert.
Knolvenkel heeft zo ongeveer tachtig tot honderd dagen nodig vanaf de kieming totdat de bol groot genoeg is om te oogsten
Het teeltschema van knolvenkel vind je hier





De plantdiept luistert nauw. De stengelbasis, die al een beetje de verdikking van de bol laat zien, moet boven de grond blijven.
Standplaats

Alhoewel knolvenkel strikt gezien geen wortelgroente is kiezen we, omwille van de bemestingsbehoeft, toch liefst een plaatsje op het perceel van de wortelgroenten. Venkel wordt bij voorkeur op een vochthoudende, humeuze zand- of lichte zavelgrond geteeld. Kies ook een zonnige plaats. Zorg voor een bodem met vrij hoge pH (6-7). Vermijd venkel te telen na een andere schermbloemige. Vermijd ook venkel te telen na een sterk bemest gewas.
Het schijnt dat venkel op sommige groenten een negatieve invloed kan hebben. Er wordt in ieder geval afgeraden om venkel dicht bij tomaten, paprika en aardappelen te planten. Ook boontjes zouden een slechtere groei vertonen dichtbij venkel. Sommigen gaan zelfs zo ver venkel in de kruiden- of siertuin te telen. Venkel in de siertuin is trouwens nog niet zo'n gek idee. De verfijnde bladvorm en de mooie bloeiwijzen maken venkel een goede plant voor de mixed-border.
Venkel in de groentetuin is best te combineren met slasoorten, witloof, radicchio, groenlof, kortom alle planten van de samengesteldbloemigen.


Venkel kan natuurlijk ook in perspot geteeld worden. Hier zie je de opkweek samen met andere typische najaarsgroenten zoals andijvie en radicchio.
Bemesting

Venkel vraagt een grond met eerder weinig stikstof maar met een ruime kalium en magnesiumvoorziening. Zeker op lichte gronden is kalium heel belangrijk. Zie info hier. Net zoals bij wortelen is hier ook verse mest uit den boze. Bij het ter plaatse zaaien strooien we dan ook geen kunstmest, dit kan de kiemplantjes doen verbranden. Gebruik liever wat gedroogde organische mest die je goed door de grond mengt, of strooi de kunstmest als de plantjes hun eerste echte blaadjes hebben en werk dit wat in tussen de rijen.
Bij geplante venkel is een goede voorraad bemesting 100 gram per m² onder de vorm van een organische meststof met samenstelling 6-7-8 samen met 50 gram patentkali om toch voldoende kalium ter beschikking te stellen. Of een meststof met samenstelling 6-7-12 zodat er geen extra patentkali meer nodig is. Wegens de bemestingseisen (weinig stikstof, veel Kalium)wordt venkel veelal geteeld op het perceel van de wortelgroenten.
Watergift

Venkel kan slecht tegen droogte en daarom is regelmatig water geven bij dit gewas erg belangrijk. De periode vlak na het uitplanten en het begin van de bolvorming zijn twee belangrijke momenten voor de watergift. De groei van het gewas en de ontwikkeling van de bollen dient zo gelijkmatig mogelijk te verlopen. Daarom zijn zeer warme zomers ongunstig en koele, niet te natte zomers voordelig voor het gewas.
Mulchen

Om de bodem koel en vochtig te houden is een mulchlaag bij de zomer- en herfstteelt aan te raden.
Bleken

Traditioneel aardt men de bollen soms aan om ze te bleken en een zoetere smaak te bekomen. Voor de late teelt is het aanaarden ook een bescherming tegen de eerste nachtvorst. Maar noodzakelijk is het aanaarden bij de moderne rassen eigenlijk niet. Je kan er immers ook schimmelvorming op de bol mee bevorderen.

venkel c
Knolvenkel wordt dikwijls geteeld in combinatie met samengesteldbloemigen

Plagen en ziekten

Konijnen
Je moet er rekening mee houden dat konijnen extra aangetrokken worden door de typische smaak van venkel. In gebieden met veel konijnen en hazen kan een extra afscherming zijn dienst bewijzen. (zie foto)

Wortelvlieg
De made van de wortelvlieg kan de wortels van de knolvenkel aantasten. Gelukkig wordt in dit geval niet het eetbare gedeelte aangetast. In dat opzicht kan de schade dus nog meevallen. Je kan dezelfde maatregelen nemen als bij de wortelteelt. Bij ter plaatse zaaien is de kans op schade groter dan bij de teelt met voorgekweekt plantmateriaal in potjes.
Kijk onderaan de pagin op wortelen.htm voor meer info over de wortelvlieg en wat je kan doen om de plaag te temperen. Bij ter plaatse zaaien is het te overwegen onder insectengaas te telen. Toch is de ervaring dat de schade door wortelvlieg bij knolvenkel tamelijk goed meevalt.

Schimmels
Ook is venkel nogal gevoelig voor sclerotinia. Vooral een ter grote stikstofvoorraad in de bodem en een dichte stand bevorderen de ziekte. Of de grond is al van vorige jaren besmet door sclerotinia. Op de rottende bol ontstaat witwollig schimmelpluis met daarin zware bolletjes, dit zijn de sclerotiën ( verdroogde schimmeldraden die jarenlang in de grond kunnen overblijven om later plots weer actief te worden.) Lees in dit artikel meer over sclerotinia.
Soms komt er ook wat grijs schimmelpluis op de bol, dit is Botrytis. Als je de aantasting ziet, is het best spoedig te oogsten en het zieke deel uit te snijden. Zoniet zal de bol geleidelijk verder rotten. Lees in dit artikel meer over Botrytis, grauwe schimmel.



Barsten
De stengels van de knolvenkel groeien bij vochtig en groeizaam weer nog verder door. Daardoor kan het zijn dat de bol gaat openbarsten als je te lang wacht met oogsten. De wonden die daarbij ontstaan kleuren bruin en zijn natuurlijk invalspoorten voor schimmels. Best spoedig oogsten in dit geval. Ook als er plots veel regen komt na een droogteperiode kan de knol openbarsten.

Oogst en bewaring

Oogst de knolvenkel als ze een tennisbal groot zijn, een goed gewicht schommelt tussen de 200 en 300 gram. Te grote bollen kunnen barsten en worden al snel te vezelig en taai. Vanaf begin november kunnen we de herfstteelt nog wat beschermen tegen de (tijdelijke) vorst door af te dekken. Uitgegroeide venkel kan toch wel één of twee nachtjes drie tot vier graden onder nul verdragen. Als het strenger begint te vriezen moeten de knollen geoogst worden. Je kan ze nog enkele weken op een koele plaats bewaren. Eventueel kan je ze, net als andijvie, overplanten in een serre.


Of in een kuip met rijnzand, zoals nog wel gebeurt met sommige wortelgroenten. Dan heb je het voordeel dat je deze makkelijk kunt verplaatsen bij dreigende vorst.

zondag 21 juni 2009

peultjes

Peultjes of peulen kunnen vergeleken worden met de doperwt, maar bij peultjes kan de gehele peul in jonge toestand gegeten worden, doordat ze vrijwel of helemaal geen vlies in hun peulen ontwikkelen. Er zijn echter ook enkele oude rassen, die wel een vlies ontwikkelen en deze moeten dan ook in een zeer jong stadium geoogst worden. Peultjes horen tot de erwt (Pisum sativum) en behoren tot de variëteit Pisum sativum var. saccharatum. In de dunne groene peul kunnen in het jonge stadium de nog minuscule doperwtjes aangetroffen worden.

Peultjes bereiden
Er zijn rassen die vrijwel of helemaal geen vlies in hun peulen ontwikkelen. Deze peulen kunnen zonder meer gegeten worden. Sommige oude rassen ontwikkelen wel een vlies. Bij deze peulen zitten er langs de randen draden. Deze moeten goed verwijderd worden, samen met de beide punten van de peul.
Peultjes kunnen gewoon gekookt worden in water, maar zijn dan weinig smaakvol.
Beter is het de peultjes na het schoonmaken te stoven in weinig water, waaraan een klont boter (of margarine), wat peper, zout en een theelepel suiker per 100 gram peultjes is toegevoegd. De peulen zijn na circa 30 minuten stoven op laag vuur op hun best, hoewel sommigen wellicht van een knapperiger peultje houden.

Bewaren
Peultjes zijn hoogstens 2 tot 3 dagen houdbaar in de koelkast. U kan ze ook in een geperforeerde zak bewaren in het groentenvak. U kan verse peultjes invriezen door ze eerst kort te blancheren.

Gezondheid
Peultjes zijn licht verteerbaar en zijn rijk aan koolhydraten, ijzer, vitamine B en C.

dinsdag 5 mei 2009

Groente van de maand: Rabarber


Rabarber (Rheum rhabarbarum) is een plant uit de duizendknoopfamilie. De plant wordt gekweekt vanwege zijn eetbare delen.

Rabarber staat al meer dan 5000 jaar bij de mens in de belangstelling, in het begin echter alleen als geneesmiddel. De Chinezen hebben dit gewas, uit de Aziatische steppen, als eerste in cultuur gebracht. Uit de wortel werd en wordt nog steeds een sterk purgeermiddel gewonnen. Omstreeks 1600 ontdekte John Gerard, hofbotanicus van de Engelse koning Charles I, dat de stelen gegeten kunnen worden. Het duurde echter tot ver in de achttiende eeuw, voordat rabarber als groente een grotere bekendheid kreeg. In Nederland vindt de teelt vanaf ongeveer 1900 plaats.

Rabarber is voornamelijk in de zomer op de markt, maar ook kan rabarber al vanaf november gekocht worden. Dit is mogelijk doordat de rabarberpollen geforceerd kunnen worden. Bij de buitenteelt is het belangrijk om na de langste dag geen stelen meer te oogsten, opdat de plant voldoende reservestoffen voor het volgend jaar kan vormen.

Voor de forceerteelt worden één tot drie jaar oude pollen in de winter in donker gemaakte schuren of kassen opgezet. Alvorens de pollen kunnen worden geforceerd, moeten zij voldoende koude hebben gehad om de knoprust te doorbreken. Dit kan via natuurlijke of kunstmatige (in koelcellen) weg worden verkregen. Vroege rassen hebben minder koude nodig dan late rassen.

Voor de vroege teelt worden de pollen buiten afgedekt met plastic folie.

De plant heeft dikke bladstelen en grote bladeren. Er zijn rassen met rode stelen en met groene stelen. Voor de verse markt worden alleen rassen met rode stelen geteeld, waarvan Frambozen Rood de meest donkerrood gekleurde stelen heeft. Voor de conservenindustrie wordt het ras Goliath geteeld dat groene stelen heeft, omdat de industrie geen gekleurde moes wil produceren.

Bereiding
Alleen de bladstelen worden gegeten. Deze worden in stukken van 2 cm gesneden en met weinig water gekookt. Als de stukken geheel in vezels uit elkaar vallen is de rabarber klaar. Rabarber kan warm of koud worden gegeten. In beide gevallen is het een bijgerecht dan wel een dessert. Rabarber is ook goed te gebruiken in gebaksoorten zoals vlaai.

Vanwege de uitermate zure smaak door het aanwezige oxaalzuur moet er veel suiker aan de groente worden toegevoegd. De stelen hoeven niet geschild te worden. Als dit toch gebeurt wordt de gekookte rabarber groen, anders krijgt de gekookte rabarber een rode kleur. Sommige mensen voegen ter neutralisatie van het oxaalzuur wat kalk aan de rabarber toe, waardoor het een zachtere smaak krijgt; volgens anderen gaat dit juist ten koste van de smaak. Oxaalzuur is een stof die kalk bindt waardoor het de opname belemmert, in grote hoeveelheden is het zelfs giftig maar dan moet men wel heel veel (zo'n 10 kilo) eten.

Bloem en vrucht
De trosvormig vertakte bloeiwijze wordt meestal weggehaald, omdat het om de eetbare bladstelen gaat en de bloei ten koste gaat van de bladvorming. De bloeiwijze komt voornamelijk bij het ras 'Goliath' voor.
Rabarber heeft vruchtjes die zijn omsloten door een blijvend bloemdek. De vrucht is een nootje.

Groei
De wortel van een rabarberplant bestaat uit een grote stronk onder de grond, bestaande uit wortelstokken. Aan die stronk zitten uitlopers die zich vertakken zoals gewone wortels. Door die stronk kan een rabarber in het voorjaar met flinke snelheid stelen en bladeren laten groeien.

dinsdag 3 maart 2009

Broccoli


Broccoli is een groente die verwant is aan bloemkool. Van broccoli worden de nog gesloten bloemknoppen gegeten, van bloemkool zijn dat de aanlegsels van de bloemknoppen (bloemknopprimordia). Van de groenten bevat broccoli de meeste glucosinolaten.

Rassen
De rassen voor de professionele teelt zijn hybriderassen, die elkaar snel opvolgen. Voor de volkstuinder beschikbare rassen zijn:
  • Southern Comet, een hybride ras dat goed voldoet
  • Groene calabrese, een Italiaanse vorm met meerdere kleine knoppen
  • Purple sprouting, paars
Van de rassen voor de professionele teelt wordt alleen de hoofdscherm geoogst. Bij deze rassen lopen de zijknoppen na de oogst nauwelijks meer uit, dit in tegenstelling tot de rassen voor de volkstuinder. Na de oogst van het hoofdscherm lopen de zijknoppen uit. Als deze geoogst worden dan lopen er weer nieuwe zijknoppen uit enz. De schermen worden telkens kleiner.
Gebruik
Broccoli wordt meestal gekookt of gebakken gegeten.
Voedingsstoffen
  • 100 gram verse broccoli bevat:
  • 140 kJ
  • 3 g koolhydraten
  • 2 g eiwit
  • 65 mg calcium
  • 0,8 mg ijzer
  • 70 mg vitamine C
  • 0,06 mg vitamine B1
  • 0,13 mg vitamine B2
  • 0,12 mg caroteen
Gezondheid
Onderzoek heeft aangetoond dat Broccoli de ziekte van Alzheimer zou kunnen tegengaan, omdat deze groente dezelfde werking als alzheimermedicatie zou kunnen hebben.
Verder hebben onderzoekers aan de Universiteit van Berkeley (Californië, VS) ontdekt dat bepaalde bestanddelen van broccoli (indolen, glucosinolaten) het lichaam tegen kanker schijnen te verdedigen. Ook zou broccoli tegen UV-licht beschermen, waarschijnlijk door de stof sulforafaan. Deze indolen worden in de maag afgebroken en omgezet tot het bestanddeel 3,3-di-indolylmethaan (DIM). DIM lijkt kanker een halt toe te roepen. DIM zou ook zorgen voor een verhoogde aanmaak van een bepaald eiwit dat kankercellen doodt en voor een verminderde aanmaak van een ander eiwit, waarvan kankercellen juist een verhoogde concentratie nodig hebben om te overleven. Een Brits onderzoek toont vermindering van risico op prostaatkanker met 400 gram broccoli per week in vergelijking met een controlegroep met 400 gram erwtjes. Onderzoekers van de universiteit van Warwick toonden aan dat koken of diepvriezen de gunstige werking met drie kwart kan verminderen, terwijl bij wokken, stomen of bereiding in de magnetron de werkzame stoffen worden behouden. De gunstige invloed van broccoli ter voorkoming van prostaatkanker was al eerder aangetoond. Onderzoek toont ook een versterking van het immuunsysteem door het bestanddeel di-indolylmethaan in broccoli.

maandag 2 februari 2009

Alfalfa

Kennen we als spruitgroente (groenteboer); eetbare decoratie die bij veel gerechten past.
Alfalfa bevat meer vitaminen, mineralen en sporenelementen dan welke plant ook.
Alfalfa is een lid van de familie der erwten en komt oorspronkelijk uit West Azië en de oostelijke gebieden rond de Middellandse Zee. Alfalfa spruiten zijn als voedsel redelijk populair. Alfalfa producten gebruiken meestal de gedroogde bladeren van de plant.

Te gebruiken bij:
hoog cholesterol
slechte eetlust

Historisch of traditioneel gebruik
In het oude China werd Alfalfa gebruikt bij problemen met de spijsvertering. Volgens de Indiase Ayurvedische traditie werden de jonge bladeren van alfalfa gebruikt bij een slechte spijsvertering. Ook was het therapeutisch bij retentie van vocht en artritis. Volgens de indiaanse traditie in Noord Amerika werd het gebruikt om het bloed sneller te laten stollen. Alhoewel Alfalfa in veel historische geschriften niet genoemd wordt, kwam het uiteindelijk toch terecht in de teksten van de eclectische artsen als tonicum voor indigestie, maagpijn, bloedarmoede, gebrek aan eetlust en slechte opname van voedingsstoffen. Ook zou de plant de lactatie bevorderen bij zogende vrouwen. De zaden worden traditioneel gebruikt in een smeersel voor het behandelen van brandwonden en insectenbeten.

Eigenschappen
  • Versterkend, opbouwend, vitaliserend
  • Bevordert opname van mineralen in kraakbeen en botten
  • Bevordert opname van eiwitten e.a. voedingsstoffen
  • Bloedstelpend
  • Beschermt en herstelt maag- en darmslijmvliezen
  • Urinedrijvend; mild laxerend
  • Normaliseert lichaamsgewicht
  • Spijsverteringbevorderend
  • Eetlustopwekkend
  • Bloedzuiverend
  • Bloeddrukregulerend
  • Verlaagt cholesterolpeil
  • Maagversterkend
  • Koortswerend
  • Krampstillend

Actieve delen
Alfalfa is goed onderzocht. De bladeren bevatten ca. 2 tot 3% saponinen. Dierstudies geven aan dat dit absorptie van cholesterol vermindert en de vorming van plaque in de aderen verhindert. Overmatige consumptie van alfalfa-saponinen kan de rode bloedcellen beschadigen. Verder bevatten de bladeren flavonen, isoflavonen, sterolen en coumarine. De isoflavonen zorgen waarschijnlijk voor de oestrogeen achtige effecten bij dieren. Alhoewel nauwelijks onderzocht, wordt alfalfa vaak gebruikt in de menopauze. Alfalfa bevat ook eiwitten en de vitamines A, B1, B6, C, E, en K. Verder calcium, kalium, ijzer en zink.

Dagdosering
Gedroogde alfalfa bladeren zijn verkrijgbaar als kruid, tabletten en capsules. Bovendien ook als vloeibaar extract. Een therapeutische dosering is (nog) niet vastgesteld. Experts bevelen 500 tot 1.000 mg gedroogd blad per dag of 1 tot 2 ml tinctuur aan.

Bijwerkingen en interacties
Gematigd gebruik van alfalfa is meestentijds veilig. Soms ontstaat een allergie. Het gebruik van zeer grote hoeveelheden heeft incidenteel geleid tot systemische lupus erythematosus (SLE) in dierstudies.SLE is een gevaarlijke auto-immuunziekte met ontstoken gewrichten en mogelijk nierbeschadigingen.

woensdag 14 januari 2009

Koolraap

Koolraap (Brassica napobrassica, synoniem: Brassica napus var. napobrassica) is een plant uit de kruisbloemenfamilie (Brassicaceae). Een koolraap is een wortel van deze plant; ook het jonge blad wordt gegeten onder de naam 'snijmoes' of 'snijkool'. Koolraap werd vroeger zowel voor veevoer als voor consumptie verbouwd in het Friese kleigebied, de Bommelerwaard, Gelderland, Noord-Limburg en Noord-Brabant. Tegenwoordig wordt het weinig meer gegeten en is het een van de zogenaamde vergeten groenten.
De koolraap is waarschijnlijk ontstaan als kruising tussen kool (Brassica oleracea) en knolraap (Brassica rapa), en wordt vaak met deze laatste verward. Dit komt niet alleen doordat de koolraap vaak knolraap genoemd wordt (ook Van Dale erkent dit woordgebruik), maar ook doordat sommige rassen meiraap erg op koolraap lijken.
Typische verschillen:
de koolraap haalt gemakkelijk een kilo, terwijl de meeste meirapen veel kleiner zijn (maar sommige niet)
de als groente verkochte koolraap is oranjegeel van binnen, de meeste meirapen zijn wit (maar er bestaan ook witte koolrapen en oranjegele meirapen)
de knol van de koolraap vormt zich bovenin de penwortel, en is daarmee een wortelknol, terwijl bij de meiraap ook de aansluitende stengelbasis verdikt is
de koolraap kan goed tegen kou en warmte en is een typische wintergroente, wat voor de meiraap niet geldt, zoals de naam al zegt.
Minder lijkt de koolraap op de koolrabi (Brassica oleracea var. gongylodes), wat een klein soort kool is.
Teelt
Koolraap wordt zowel ter plaatse gezaaid als uitgeplant en kan op alle grondsoorten worden geteeld, maar het beste op lichte kleigrond. Koolrapen worden in de regel begin juni ter plaatse gezaaid, omdat vroeger zaaien houtige knollen geeft. De zaai- en plantafstand is 50 x 40 cm. Voor uitplanten wordt eind mei/begin juni buiten op zaaibed gezaaid en 6 tot 8 weken later uitgeplant. Te diep planten geeft een minder mooie knolvorm. In oktober/november worden de 1,5 kg zware knollen geoogst. De knollen kunnen bij 1°C tot zes maanden bewaard worden. De knollen worden geschild en in frieten gesneden gegeten.
Koolrapen hebben veel borium nodig. Boriumgebrek uit zich door glazige vlekken, een ruw, kurkachtig knoloppervlak en holle koppen. Te veel stikstof geeft een minder goede smaak. De kunstmeststof Chilisalpeter bevat ook borium.
Rassen
Er zijn geelvlezige en witvlezige rassen, waarbij de witvlezige alleen door de verwerkende industrie werden gebruikt.
Geelvlezige
'Friese gele selectie Runia' werd in het Noorden van Nederland veel geteeld, omdat dit ras een mooie, ronde vorm heeft met weinig halsvorming en weinig gevoelig is voor barsten, inwendig bruin en holle koppen. Daarnaast zijn er rassen met verschillend gekleurde kop zoals 'Hollandse roodkop', de 'Friese Paarskop' en de 'Gele Groenkop'.
Witvlezige
'Heerma's Witte en 'Hoffman's Witte' zijn witvlezige, hoog opbrengende rassen.
Koolzaad
Taxonomisch is de koolraap een variant van het koolzaad (Brassica napus), dat echter helemaal geen knollen vormt, en niet als groente wordt geteeld maar voor de olie.
Inhoudsstoffen
De voedingswaarde van 100 gram verse koolraap is:
Energetische waarde
109 kJ

Koolhydraten 5 gram

Eiwit 1 gram

Vet 0,2 gram

Vitamine C 35 mg

Vitamine B1 0,03 mg

Vitamine B2 0,03 mg

Calcium 40 mg

IJzer 0,5 mg

dinsdag 2 december 2008

Ui (Allium Cepa)

Ik hoor iedereen klagen over verkoudheid .Er is een remedie tegen hoor .Gebruik een rauwe ui.

Voor de Egyptenaren was de ui een heilige plant en de geneeskracht ervan wordt in alle oude kruidenboeken rijkelijk bezongen. Alle looksoorten hebben een sterk desinfecterende werking. Zo is uit studies gebleken dat mensen die regelmatig uien eten een beduidend kleinere kans hebben op het ontstaan van darmkanker.
Een van de belangrijkste bestanddelen van de ui is di-allyl-di-sulfide. Deze zwavelverbinding veroorzaakt de geur die veel mensen tot tranen toe beroert. Elke dag een uitje hakken werkt dan ook uiterst effectief in geval van rode of ontstoken oogleden. In het oogtraanvocht bevindt zich namelijk een stof met een antibacteriële en antivirale werking: lyzozyme. Deze stof beschermt het oog zich tegen kwalijke invloeden van buitenaf. Uien schoonmaken is dus zo ongezond nog niet.
Leg een doorgesneden ui op het nachtkastje. Dit werkt erg goed als er sprake is van aandoeningen van de luchtwegen zoals verkoudheid, keelontsteking en bronchitis. En bij een keelontsteking of opgezette klieren maakte zij een keelomslag van ui. Plakjes ui op het keelgebied, afdekken met een vochtige katoenen lap (een zakdoek voldoet prima) en het geheel vastzetten met een warme wollen shawl. En dan natuurlijk hup onder de wol,.

Verder doen uien de bloedsuikerspiegel dalen, zijn in te zetten bij vermoeidheid, zwellingen van lymfeklieren en opgezette amandelen en werken ze effectief bij trombosegevaar. Ook is de ui urinedrijvend waardoor ze goed werk verricht bij oedemen, niet kunnen urineren en niergruis. De ui is spijsverteringsbevorderend en antiseptisch waardoor ze effectief is in te zetten bij darmkolieken, sterke gisting in de darmen, darm-infecties en darm wormpjes. Daarnaast stimuleerd de ui de slijmklieren waardoor ze goed toe te passen is bij een vastzittende hoest of een verkoudheid.
Al deze aandoeningen kun je te lijf gaan met een uientinctuur of uienwijn. Kinderen doe je daar meestal geen plezier mee, die kun je beter verleiden met een uiensiroop.
Uientinctuur is te maken door gelijke delen gehakte ui te mengen met alcohol (brandewijn van 35% voldoet prima). Zet het geheel op een donkere warme plek. Schud het de eerste week dagelijks om. Na twee weken de tinctuur uitzeven. Neem 3x daags een theelepeltje in een glas water.
Uienwijn maak je door drie delen gehakte ui te mengen met één deel acaciahoning (andere honing voldoet ook) en zes delen droge witte wijn. Laat dit 48 uur trekken en zeef daarna de uien eruit. Neem dagelijks 2 tot 4 eetlepels.
Uiensiroop maak je door 500 gram fijn gesneden uien een nacht weg te zetten in een liter water. Voeg er vervolgens 250 gram rietsuiker aan toe en kook het geheel even op. Haal het door een fijne zeef en je hebt een uiterst geneeskrachtige siroop die kinderen ook lekker vinden.

Inhoudstoffen
Vitamine C,B,A
Etherische olie
Suikers
Mineralen
Flavoghydervaten
Polyfenyldervaten
Fyohormonen met gonadotrope werking

maandag 1 september 2008

Kaal knopkruid


Door de hoge voedselprijzen is er genoeg voedsel langs de weg te vinden .Ik geef hier een algemeen kruid dat als onkruid in alle moestuin of in de berm voor komt
Kaal knopkruid Galinsoga parviflora

Harig knopkruid Galinsoga quadriradiata, galinsoga ciliata

Met name de moestuin is een lievelingsplek voor deze plant. Zowel het kale als het harige knopkruid komen daar voor. Het grote voordeel is dat het zich erg gemakkelijk laat verwijderen. Je moet daar alleen niet te lang mee wachten omdat anders de kluiten te groot zijn en je zo ook planten meeneemt die je (nog) niet kwijt wilt.
Knopkruid komt oorspronkelijk uit Peru. Rond 1800 is het vanuit de Botanische tuin in Parijs verwilderd en met de legers van Napoleon door heel Europa verspreid. Daarom wordt het in Duitsland ook wel "Franzosenkraut" genoemd. Knopkruid kan in een seizoen drie generaties voortbrengen. Het zaait zich erg uit, maar is bij de eerste nachtvorst verdwenen. De zaden blijven zeker tien jaar kiemkrachtig. Het knopkruid bloeit van mei tot oktober.
Maar knopkruid is niet alleen "onkruid", maar ook een zeer waardevol voedingsmiddel.
Knopkruid bevat een hoog gehalte aan kalium, calcium, magnesium en ijzer. Van alle eetbare wilde planten heeft knopkruid het hoogste ijzergehalte. Verder heeft het een hoog vitamine C en betacaroteengehalte. Het vitamine C gehalte in knopkruid is 3- tot 4 maal zo hoog als in citroenen
Allebei de knopkruidsoorten kunnen gebruikt worden. Het is een goed kruid om de weerstand te verhogen en kan met name goed gebruikt worden bij allerlei infectie-ziektes, zoals bv. griep.
De jonge bladeren en stengels (voor de bloei) kunnen gebruikt worden als spinazie, in soepen, stamp en als salade.
De zaden kunnen geoogst worden en aan kruidenolie toegevoegd worden. Het verse kruid kan ook in de sapcentrifuge om er een verfrissende en gezonde drank van te maken.kaal knopkruid
boven rechts harig knopkruid

foto's de sprenk

vrijdag 18 juli 2008

ALTERNATIEVE BESTRIJDING

Er zijn twee soorten hoe je tuin kan beschermen tegen schadelijke insecten .De ene is met chemische middelen of met biologische middelen .
Zo als uw weet doe ik het op de alternatieve manier .Hieronder heb ik wat middeltjes neer gezet .
Boerenwormkruid
Kan worden gebruikt tegen wortelvlieg, koolvlieg, luizen, coloradokever, spint, roest, meeldauw.
Neem 30 gr verse of 3 gr droge bloemen per liter water. Overgiet met kokend water.
Dit mengsel onverdund ongeveer 1 à 4 maal per 2 weken op de grond bij de wortelhals van gewassen spuiten.

Brandnetelgier
Dit mengsel gebruik je als meststof voor gewassen. Het bevat veel stikstof en sporen-elementen. Je kan het gebruiken als bladbemesting.
Hou ouder de gier, hoe sterker hij wordt. Gebruik het mengsel flink verdund: 1/10 of 1/20

Heermoesthee
Werkt genezend bij roest of andere schimmelziektes. Best ook preventief gebruiken.
Heermoesthee maak je door 10-30 g per liter water op te lossen of als je vertrekt van verse heermoes, neem je ongeveer 150g vers of gedroogd materiaal per liter water en laat dat een nacht in water weken. Haal daarna de heermoes uit het water en laat die 10-60 min. koken in voldoende vers water. Het koud aftreksel en het kookaftreksel samenvoegen, zeven en verdunnen (1 op 4 tot 1 op 20).
Voor het verspuiten voeg je 0.3 tot 0.5% groene zeep toe.

Heermoesaftreksel
Te gebruiken als bladbemesting.
Gebruik 1 kilogram vers of 150 gram droog materiaal op 10 liter water. Laat 15 minuten koken en 12 uur trekken. Zeef en verdun 10 keer. Behandel de planten om de drie weken.

Knoflook
Door het hoge zwavelgehalte zou knoflook een schimmeldodende werking hebben.
De geur zou ook afwerend werken tegen insecten, slakken.
AFTREKSEL: 50 -75 g fijngesneden verse teentjes look of 20 g droog poeder een 24u laten trekken in 1 l water. Zeven en 10 keer verdunnen.
POEDER: knoflooktenen vermalen en drogen tot poeder.

Gesteentemeel
Door basaltmeel, lavameel en zeewierkalk over gewassen/planten te spuiten worden deze beschermd tegen ziekten en plagen.
Deze produkten werken dus vooral preventief.

Natuurlijke vijanden:
•Bladluizen : inzetten van sluipwespen, lieveheersbeestjes, gaasvlieg
•Fruitmot : Granupom; een selectief biologisch insecticide op basis van het Cydia pomonella granulosevirus.
•Mineervlieg: inzetten van sluipwespen.
•Perenbladvlo: inzetten van roofwants
•Trips: inzetten van natuurlijke vijanden zoals roofwantsen.
•Wolluis: inzetten van feromoon. (Lokstof)
•Spint: inzetten van roofmijt.
•Slakken: inzetten van nematoden
•Taxuskever: inzetten van nematoden

zondag 6 juli 2008

courgette


Door het droge en warme weer staan al me courgette planten in de bloei.Ik heb er nog nooit zoveel bloemen aan gehad. De courgette, (nl. mergpompoen, it. zucchini) genaamd is een groente, geleverd door de soort Cucurbita pepo uit de komkommerfamilie (Cucurbitaceae). De planten vormen geen ranken.

worden in azijn met kruiden. De courgette is het lekkerst als die nog klein en maximaal 30 cm (350 gram) lang is. In Nederland wordt vanaf 7 cm (50 gram) lengte geoogst. De kleine vruchten waar de bloem nog aanzit worden verhandeld als 'courgette fleur' en worden in Italië en Griekenland als een delikatesse beschouwd. De bloem kan gefrituurd worden gegeten of worden gevuld. De smaak van de courgette is echter flauw. Uitgegroeide exemplaren zijn eigenlijk oneetbaar en alleen in een gerecht nog te gebruiken als vulstof.De courgette wordt gewoonlijk gekookt gegeten. Toch kan de groente eveneens rauw of gebakken worden gegeten. Ook kan de courgette in blokjes gesneden als een soort augurk

Teelt

Ik heb mijn planten geplant eind mei. Voor de buitenteelt kan in Nederland gezaaid worden in mei in potten, die onder glas opgekweekt worden en dan half juni buiten worden uitgeplant. De plantafstand bedraagt 100 bij 100 cm. Ook kan in juni ter plaatse gezaaid worden. Voor de herfstteelt wordt begin juli uitgeplant en in september wordt er dan eventueel een tunnel overheen gezet. De eerste vruchten worden vanaf juli geoogst. Er moet drie keer in de week en in de zomermaanden bijna dagelijks geoogst worden. Tot eind september, als er geen nachtvorst optreedt, kan er buiten doorgeoogst worden.

Voor een goede vruchtzetting is bestuiving door bijen of hommels noodzakelijk.

Voedingswaarde

De voedingswaarde van 100 gram verse courgette is:

Energetische waarde

67 kJ

Koolhydraten

4 gram

Eiwit

0,6gram

Vet

0,1gram

Vitamine C

17 mg

Caroteen

0,20 mg

Vitamine B1

0,05 mg

Vitamine B2

0,09 mg

Calcium

15 mg

IJzer

0,4 mg


woensdag 5 maart 2008

Knolvenkel

Ik zat te denken wat ik nog in me knollenveld wou zetten.Naast de kruiden, tomaten, pepers en courgettes wil ook een beetje lekkere groenten hebben.Ik zat in een van boeken te neuzen en vond het geneeskrachtig en je kunt er de lekkerste gerechten mee maken.

Knolvenkel
De naam venkel is afkomstig van het Latijnse woord foenum, wat hooi betekent. De Romeinen vonden namelijk dat de sterk aromatische geuren van de venkel op de geuren van hooi leken.
Toch stond venkel ook weer niet altijd in een goed daglicht. De Griekse mythologie bijvoorbeeld verhaalt over Prometheus, die tegen de wil van de goden het vuur naar de mensen bracht. Om het gloeiende kooltje, dat hij van de berg Olympus had gestolen, te vervoeren, verpakte hij het in een venkelstengel. Het kwam de titaan duur te staan; hij werd aan de rotsen geketend, waarna een gier zich dagelijks tegoed deed aan zijn lever, die 's nachts weer aangroeide. De oude Grieken daarentegen hielden er hun verlichting aan over. Indachtig het gloeiende kooltje, gebruikten ze het witte merg van uitgedroogde venkelstengels als tondel in een toorts van harde schors. De gezonde aspecten van venkel zijn ook al sinds de oudheid bekend
De oude Grieken gebruikten venkel als vermageringsmiddel en noemden het 'marathron' dat 'dun worden' betekend. In de Middeleeuwen kauwde men tijdens de preek op venkelzaad om het rommelen van de maag tegen te gaan.
Venkelzaden werden van oorsprong ingezet bij allerlei problemen met de spijsvertering zoals indigestie, winderigheid, buikklachten of krampen. Maar ook voor de 'geestelijke gezondheid' werd venkel ingezet; ter verdrijving van duivel en zijn gevolg van heksen en boze geesten.
Venkel is een zeer gezonde groente, het bevat weinig calorieën, is ook volkomen vetvrij en is een goede bron van mineralen. Daarnaast wordt venkel nog steeds gebruikt als geneeskrachtig kruid, waarbij overigens alleen de (gedroogde) zaadjes van de venkelplant worden gebruikt voor heilzame doeleinden. Het is bekend dat ze de spijsvertering bevorderen, de vorming van darmgassen tegen gaan en helpen tegen een opgeblazen gevoel.
Deze droge venkelzaadjes hebben een koortswerende, pijnstillende en hongerremmende werking. Daarnaast is het een goed kalmeringsmiddel voor kinderen.
Ook bevatten de zaadjes een specifieke stof die ongeveer dezelfde werking heeft als het vrouwelijke hormoon oestrogeen. Venkelzaad geeft dan ook verlichting bij allerlei typische vrouwenklachten die het gevolg zijn van een te lage oestrogeenspiegel in het lichaam. Zoals overgangsklachten en menstruatieklachten. Bovendien stimuleren venkelzaadjes de productie van moedermelk bij moeders die borstvoeding geven.
'Gewone' venkel is natuurlijk bij de supermarkt, groentespeciaalzaak of op de markt verkrijgbaar, voor het zaad zult u bij reformhuis of drogist terecht kunnen.
Het eetbare gedeelte van de venkel bevat per 100 gram:
  • Energetische waarde 51 kJ
  • Eiwit 1 gram
  • Koolhydraten 2 gram
  • Kalium 400 mg
  • Natrium 70 mg
  • Calcium 70 mg
  • Fosfor 45 mg
  • IJzer 1,4 mg
  • vitamine C 5 mg
  • Caroteen 0 mg

Knolvenkel wordt gekweekt voor de bovengrondse knol, die eigenlijk geen knol, maar een bol is. Bovenaan loopt de bol uit in zeer fijn blad. Het keukenkruid venkel vormt geen bol en daarvan kan alleen het blad worden geoogst en gegeten. Van knolvenkel kan zowel de bol als het loof worden gegeten.
Net als haar familieleden selderij, peterselie en kervel bevat knolvenkel etherische oliën. Knolvenkel heeft een uitgesproken zoete anijsachtige smaak, ze kan zowel rauw als gekookt worden gegeten.

Teeltwijzen
De late herfstteelt, waarbij na 20 juni gezaaid wordt, is veruit de belangrijkste teelt. Venkel is namelijk een langedagplant en schiet dus gemakkelijk door als de dagen lang zijn. Bovendien is het een gewas dat snel en regelmatig moet kunnen doorgroeien; op een groeistilstand reageert knolvenkel met doorschieten, en ook hoge temperaturen bevordert het schieten. Ondertussen zijn er wel nieuwe selecties van knolvenkelzaden die minder schietgevoelig zijn, en daardoor ook vroeger gezaaid kunnen worden.
Zaai bij voorkeur buiten ter plaatse, maar bij vroegere teelten kan beter onder glas worden voorgezaaid.

Opkweken
Zaai bij de zomerteelt onder glas voor, om grote temperatuurswisselingen (en daarmee een hoger schietkans) te voorkomen. Na 4-5 weken kunnen de plantjes worden uitgeplant, wanneer de plantjes 3-4 echte bladeren hebben.
Voor de zomerteelt zaai je direct buiten, in rijen.

Teeltzorgen
Knolvenkel heeft veel water nodig. Zeker op zandgronden zal regelmatig begieting plaats moeten vinden, ook weer om het schieten te voorkomen. Mulching is goed toe te passen om onkruid te weren en vocht vast te houden. Knolvenkel kan 3 graden vorst verdragen.
Oogst en bewaren
Na 3 groeimaanden is knolvenkel oogstrijp, de knollen wegen dan 250-300 gram. Laat ze niet te groot worden, dan worden ze vezelig en taai.